JOODSE BEGRAAFPLAATS

Adres Googweg 6, Muiderberg

De joodse begraafplaats te Muiderberg ligt achter een eeuwenoude stenen muur aan de Googweg. Eigenaar is de Nederlands-Israëlitische Hoofdsynagoge (NIHS), kortweg Joodse Gemeente Amsterdam. Met ca. 45.000 graven is dit de grootste in gebruik zijnde joodse begraafplaats in Nederland. Hij werd in 1642 gesticht door ‘Hoogduitse’ (ook wel Asjkenazische) joden, afkomstig uit Duitsland, Polen en landen verder oostwaarts.

Gunstige vestigingsfactoren waren de aanwezigheid van zandgronden en de plannen om trekvaarten te graven van Amsterdam via Muiden en Muiderberg naar ’t Gooi. Met de trekschuit zouden de doden vanuit de hoofdstad naar hun laatste rustplaats kunnen worden vervoerd. Het eerste stuk grond op de voormalige Westereng kostte 410 gulden. De koopakte werd mede ondertekend door P.C. Hooft, drost van Muiden en baljuw van Gooiland.

De eerste uitbreiding kwam via een omweg tot stand. De in 1660 opgerichte Pools-joodse gemeente had een belendend stuk grond gekocht voor het stichten van een eigen begraafplaats. Deze gemeente ging in 1673 op in de ‘Hoogduitse’ gemeente, als gevolg waarvan beide grondstukken werden samengevoegd. In 1780 werd het landgoed Rustrijk aangekocht (deel van het Echobos) en in 1859 terreinen die tot de buitenplaats Hofrust behoorden (langs de Googweg richting Hakkelaarsbrug). De laatste grondverwerving betrof in 1924 het Kocherbos, dat overigens in 2017 werd verkocht aan de Mixed Hockeyclub Muiderberg. Het huidige grondbezit bedraagt ca 16 ha.

De begraafplaats heeft een aparte ingang voor kohaniem (enkelvoud: koheen). Dit zijn mannelijke afstammelingen van Aäron, de broer van Mozes en de eerste hogepriester in de tempel. Priesters mogen niet dicht bij het lichaam van een (onreine) overledene komen. Om de juiste afstand tot de graven te bewaren, zijn over de gehele begraafplaats aparte paden voor hen aangelegd. De graven van kohaniem zijn te herkennen aan twee op de zerk aangebrachte handen, die de priesterzegen uitbrengen. Veel mannen met de naam Cohen, Cohn en Kahn zijn een koheen.

Toegangspad met hoofdgebouw. Op het bord links staan de openingstijden. De begraafplaats is vrij toegankelijk. Manlijke bezoekers wordt verzocht een hoofddeksel te dragen.

De begraafplaats met zijn eeuwenoude muur is een Rijksmonument. Hetzelfde geldt voor het ontvangstgebouw en de aula (vroeger ‘metaheerhuis’ ofwel reinigingsgebouw). Ze zijn in de jaren ’30 van de vorige eeuw gebouwd in de stijl van de Amsterdamse school en ontworpen door de joodse architect Harry Elte Phzn (1880-1944), een leerling van Berlage. In de aula bevindt zich een fraai glasmozaïek van de Haarlemse glazenier Willem Bogtman (1882-1955). Op de bovenverdieping van het ontvangstgebouw bevond zich vroeger de beheerderswoning.

Gedachtenisstenen voor familieleden die nooit een graf kregen

Naast de aula staat een monument ter nagedachtenis aan de ongeveer 80.000 joden, die tijdens de Tweede Wereldoorlog vanuit Amsterdam naar de nazikampen werden gedeporteerd. Ook zijn op de naoorlogse velden veel graven te zien, waarop door nabestaanden een gedachtenissteen is geplaatst voor tussen 1940 en 1945 vermoorde familieleden.

Vanaf 1942 mocht de begraafplaats van de bezetter niet meer worden gebruikt. Niettemin vonden er in die tijd toch een aantal ‘clandestiene’ begrafenissen plaats. De namen van overleden personen werden met potlood aan de onderkant van de houten keldertrap geschreven. De begraafplaats werd in de oorlog door de joodse gemeente ook gebruikt om archiefstukken te bewaren. Ze werden in kartonnen dozen in de grond gestopt.

Bekende Nederlanders die in ‘Muiderberg’ hun laatste rustplaats kregen, zijn onder meer tv-maakster Ellen Blazer, bokser Ben Bril, couturier Max Heymans, journalist Jaap van Meekren, politicus en vakbondsman Henri Polak en journalist Max van Weezel.

Sinds 2018 worden rondleidingen gegeven. Het gidsenteam bestaat vanaf 2021 uit Harry Mock, Rob Bonn, Guus Kroon en Hugo Landheer. Voor de data zie https://nihs.nl/rondleiding/data.

Op deze luchtfoto wordt een deel van de ca. 45.000 graven door de bomen aan het oog onttrokken. De ingang is aan de Googweg nr. 6, de weg aan de rechterkant, gezien richting dorp. In het gebouw rechts bevinden zich de ontvangstruimtes. Het andere gebouw is de aula, waar de daadwerkelijke uitvaart begint. Helemaal bovenaan ligt het aangrenzende Echobos.

« Terug naar Lexicon A-Z